|
Na de colleges het Happy Hour
Jaarlijks ontvangt
Milaan
ruim drieduizend buitenlandse studenten aan de zeven universiteiten en
enkele honderden aan de hoogaangeschreven mode- en designinstituten. Dichtbij, maar een andere wereld, is
de spontane reactie als je Nederlandse studenten in de stad
vraagt hoe ze Milaan ervaren.
Na de colleges, zo rond
een uur of vijf, lopen de Milanese cafe’s rondom de universiteiten vol met
studenten. Vrijwel ieder cafe in de stad heeft rond die tijd een ‘happy hour’.
Geen twee drankjes voor de prijs van een, zoals in Nederland, maar genieten van
het typisch Milanese ‘aperitivo’, een drankje met een hapje. Je betaalt dan zo’n
zes euro voor een Campari, Martini, birra of ander borreldrankje en mag dan
onbeperkt opscheppen van een grote diversiteit aan hapjes, die op de bar staan
uitgestald. Geen bitterballen, maar geraffineerde snacks, geheel in de stijl van
de stad. Het ‘happy hour’ is vast onderdeel van het studentenleven in Milaan en
veruit het meest geliefde onder buitenlandse studenten.
Prestigieuze instituten
Er studeren jaarlijks
enkele duizenden buitenlandse studenten aan de Milanese universiteiten en de
prestigieuze niet-universitaire instituten op het gebied van mode en design. Aan de universiteiten
gaat het meestal om studenten die in het kader van uitwisselingsprogramma’s een
trimester, semester of een jaar aan een Milanese faculteit doorbrengen of om
PhD-studenten (postacademische onderzoeksopleidingen). Aan de andere instituten
hebben de meeste in eigen land al een opleiding afgerond en komen naar Milaan om
zich te specialiseren in het mode- of ontwerpvak.
Internationaal
De meest internationale
universiteit met veruit het grootste aandeel (bijna een kwart) buitenlandse
studenten is de Accademia delle Belle Arti di Brera, de gerenommeerde
universitaire kunstacademie in de wijk Brera. Het is zelfs de meest
internationale universitaire opleiding van heel Italië. De staatsuniversiteit
Università degli Studi di Milano is de grootste universiteit van de stad en telt
ruim 60 duizend studenten, verdeeld over negen faculteiten. Daarnaast herbergt
Milaan de katholieke universiteit Università cattolica del Sacro Cuore, de
technische universiteit Politecnico, de economische universiteit Bocconi, de
vrije universiteit voor taal en communicatie IULM en San Raffaele, die
voornamelijk is gericht op de gezondheidszorg. Enkele van de meest prestigieuze
niet-universitaire onderwijsinstituten zijn het conservatorium G. Verdi, het
Istituto Europeo del Design (IED) en het mode-instituut Marangoni.
Toelatingsexamen
Aan vrijwel iedere
opleiding worden geschikte studenten geselecteerd door middel van een
toelatingsexamen. Aan de universiteiten gaat het daarbij meestal een theoretisch
examen. Bij de mode- en ontwerpinstituten worden studenten toegelaten op basis
van een motivatiegesprek en een portfolio. Bij dergelijke instituten kom je niet
zomaar binnen, vertelt Ellen Mirck (24). Zij studeert Fashion Styling, een
éénjarige masteropleiding aan het Istituto Marangoni. “Het niveau is heel hoog.
Studenten die de opleiding hebben afgerond komen doorgaans terecht bij de
bekendste Italiaanse modehuizen of designbureaus. Naast de juiste diploma’s moet
je laten zien dat je heel erg gemotiveerd bent en dat je gevoel hebt voor mode.
Er wordt veel van je verwacht. Dat moet je aankunnen.”
Mode
Ellen rondde anderhalf
jaar geleden de opleiding Management, Economie en Recht (MER) af aan de
Hanzehogeschool in Groningen. Ze had tijdens deze opleiding stage gelopen bij de
Bijenkorf en een stylistenbureau en het was haar heel duidelijk dat ze verder
wilde in de fashion styling. Wat niet verward moet worden met
modeontwerpen, benadrukt Ellen. “De modeontwerper ontwerpt kledingstukken. De
stylist combineert kledingstukken, make-up, kapsels, achtergronden en
accessoires en voegt deze samen tot een geheel voor een modereportage, een
modeshow of een etalage,” legt Ellen uit. “In Nederland zijn moedontwerpen en
styling in een opleiding opgenomen, maar het zijn heel verschillende dingen.
Vooral voor dure merken speelt de stylist een fundamentele rol. Voor hen is de
doelgroep heel belangrijk. De stylist presenteert en bewaakt het imago.”
Istituto Marangoni
Ellen koos heel bewust
koos voor de opleiding aan het Istituto Marangoni. “Marangoni heeft nauwe
contacten met enkele van de beroemdste modehuizen ter wereld, zoals Gucci en
Prada, die in Milaan zijn gevestigd. De opleiding is afgestemd op de eisen die
zij stellen aan de mensen die voor hen werken. In Nederland bestaat die hechte
relatie tussen opleiding en praktijk niet. Naar mijn mening zijn die nauwe
contacten juist heel belangrijk.” Het Istituto Marangoni is een privé-school en
er hangt een behoorlijk prijskaartje aan. Ellen besloot daarom om eerst een
jaar te gaan werken. Om te sparen voor de kosten van de opleiding, maar ook om
een portfolio samen te stellen. Ze was een van de weinig die werd toegelaten
zonder vooropleiding in de mode.
Engels
Het Istituto Marangoni
ontvangt studenten uit de hele wereld. Bij Ellen in de klas zitten studenten van
dertien verschillende nationaliteiten. De lessen kunnen de studenten in het
Engels volgen. Wat niet wil zeggen dat de docenten ook Engels spreken. “De
docenten geven de les in het Italiaans. Een tolk vertaalt het in het Engels en
dat krijg je vervolgens via een oortje te horen.”
Milanezen
Want de Engelse taal is
niet het sterkste punt van de Milanezen. “Veel Milanezen spreken gewoon echt
geen Engels,” vertelt Ellen. “Maar zelfs als ze best wat Engels kennen, spreken
ze het liever niet. Ze zijn onzeker en bang om af te gaan. Milanezen zijn trots
en spreken liever geen Engels dan slecht Engels. Als jij wat Italiaans spreekt
zijn ze dan ook heel tegemoetkomend en behulpzaam. Milanezen zijn redelijk in
zichzelf zijn gekeerd, dat zie bijvoorbeeld aan de onmisbare zonnebril. Maar als
je er eenmaal bij hoort ben je ook helemaal part of the family.”
Kamer
Ellen deelt een
appartement met twee Italiaanse studentes. Een kamer huren werkt in Milaan heel
anders dan in Nederland, vertelt ze. “In Nederland huur je een kamer van de
huiseigenaar. Je betaalt rechtstreeks aan hem of haar de huur. Hier huurt één
student een volledig appartement en zoekt er vervolgens zelf andere huurders
bij. Degene die het appartement huurt betaalt de hele huursom en alle rekeningen
voor gas, water en licht en moet er zelf voor zorgen dat hij het deel van zijn
huisgenoten terugkrijgt. Ik betaal dus huur aan het meisje dat ons appartement
huurt. Als ik mijn deel niet zou betalen of de huur zou opzeggen, heeft zij een
groot probleem, want zij moet wel de volledige som aan de eigenaar en aan het
energiebedrijf betalen.”
Huurprijzen
Ellen vond haar kamer
vanuit Nederland. “Dat was niet gemakkelijk”, herinnert ze zich. “Maar ik kende
een ander Nederlands meisje aan het Istituto Marangoni. Zij is voor mij kamers
gaan bekijken en heeft de kamer die ik nu heb voor mij uitgekozen.” De
huurprijzen liggen hoog in Milaan. Het is heel normaal om in plaats van een
kamer, een posto letto (een bed) te huren in een kamer die je met een of
twee andere studenten deelt. Het is ook helemaal niet zo vanzelfsprekend als in
Nederland dat je als student op kamers gaat wonen. “Het is hier echt een luxe om
op jezelf te wonen,” zegt Ellen. “De meeste Italiaanse studenten blijven thuis
wonen en reizen op en neer.”
Stad van de mode
Milaan is the place to
be voor wie voor zichzelf een toekomst ziet in de modewereld. Toch mist
Ellen Nederland wel eens. “Vooral de gezelligheid. Je hebt hier geen gezellige
kroegjes zoals je die in Nederland hebt. Alles moet mooi zijn. Ook de mensen. Ze
gaan niet uit voor de lol, maar om zichzelf te laten zien. Ze zijn heel erg met
hun voorkomen bezig. Hun kleding, hun haar en met wie ze gezien worden. Er
straalt vaak echt helemaal geen lol af. Gewoon gezellig uitgaan, puur om een
leuke tijd te hebben met andere mensen, dat kennen ze hier bijna niet. Dat mis
ik wel eens. Maar aan de andere kant is Milaan ook niet voor niets dé stad van
de mode.”
Tips
Ellen wil nog wel een
tips geven aan andere Nederlandse studenten die overwegen om in Milaan te gaan
studeren. “Als je je van tevoren in de Italiaanse cultuur verdiept heb je het
een stuk gemakkelijker als je eenmaal hier bent. Je begrijpt dan meer van de
mensen en de manier waarop de dingen gaan. Maar dat niet alleen. Italianen zijn
heel trots op hun cultuur. De Italiaanse cultuur komt overal terug, ook in
studieopdrachten. Daarnaast is enige kennis van de Italiaanse taal echt
onmisbaar.”
Politecnico
Hoe belangrijk de taal
is, ervoer ook Puck Goossens (25). Zij studeert werktuigbouwkunde aan de Technische
Universiteit in Eindhoven en werkte drie maanden aan een studieopdracht aan de
Politecnico. “Ik deelde een kamer met een Italiaanse studente, die geen woord
Engels sprak. En mijn Italiaans was ook te slecht om ermee uit de voeten te
kunnen. Dat was wel erg jammer, want ook al zaten we een paar uur per dag op
dezelfde kamer, we hadden daardoor nauwelijks contact.”
Miljoenenstad
In tegenstelling tot
Ellen, was Milaan voor Puck geen heel bewuste keuze. Ze was zelfs nog nooit in
Italië geweest toen ze besloot naar Milaan te gaan. “Ik wilde graag naar het
buitenland. Vooral om te weten of ik mezelf kon redden, drie maanden helemaal
alleen in een vreemd land. Welk land maakte me eigenlijk niet zoveel uit. Ik kon
uiteindelijk kiezen tussen Warschau of Milaan. Warschau leek me zo koud en
tegelijkertijd trok het idee van een miljoenenstad als Milaan me wel.”
Andere wereld
Puck was verbaasd over
hoe anders Milaan is. “Milaan ligt zo dicht bij Nederland, het is maar een uur
vliegen, maar het is een andere wereld. Er zijn grote cultuurverschillen.” Ook
op het gebied van studie, vertelt ze. “In Nederland weet je altijd precies wat
er van je wordt verwacht. Alles is duidelijk en gestructureerd. Dat is in Milaan
niet. Je moet het vaak zelf allemaal maar uitzoeken. Ook de relatie tussen
docenten en studenten is heel anders. Als ik in Eindhoven een vraag heb, loop ik
de kamer van een willekeurige docent binnen. In Milaan hadden we maar één
begeleider. Alleen aan hem konden we vragen stellen. Maar hij was heel moeilijk
te bereiken. Hij zat in een apart gebouw waarvan de deur op slot zat en je moest
via een portier vragen of hij er was en zin en tijd had om je uitleg te geven.
De afstand tussen de docenten en de studenten was heel groot. Daar komt nog bij
dat het Engels van onze begeleider niet altijd even goed te volgen was.”
Te laat
Het was niet het enige
verschil dat wennen was voor Puck. “Het is in Milaan heel normaal om een uur te
laat op een afspraak te komen. Het is misschien heel Nederlands, maar ik kan
daar heel slecht tegen. In Milaan lijkt niemand zich eraan te ergeren of het ook
maar vreemd te vinden. Ze wachten geduldig op elkaar alsof het de normaalste
zaak van de wereld is. Ik vond het soms best moeilijk om met de
cultuurverschillen om te gaan.”
Studentenhuis
Dat gold ook voor de
manier waarop de universiteit een kamer voor haar regelde – wat overigens op
zich al een luxe is in Italië. “Dat liep eigenlijk helemaal mis. Pas twee dagen
voor vertrek kreeg ik iets te horen over de kamer die ze voor me hadden
geregeld. Die lag in een studentenhuis aan de rand van Milaan. Maar ze gaven me
een fout adres door. Pas na heel lang vragen en zoeken had ik het juiste adres.
Daar eindelijk aangekomen wisten de portier en de directrice van het complex van
niets en dus mocht ik niet binnen. De eerste nacht heb ik daardoor in een hostel
geslapen.”
Taalbarriere
In het studentenhuis
woonde Puck tussen de Italianen. Toch had ze vooral contact met andere
buitenlandse studenten. “Dat kwam voor een deel door de taalbarrière, maar ook
omdat buitenlandse studenten in Milaan zich meestal meteen aanmelden bij een
Erasmuscommissie. Je krijgt dan mail over alle activiteiten voor buitenlandse
studenten. Ze organiseerden van alles, zoals een welkomstdiner aan het begin van
het semester. Daar leer je meteen een hele hoop andere buitenlandse studenten
kennen, die ook allemaal alleen naar Milaan zijn gekomen. Zo trek van je
eigenlijk automatisch vanaf het begin met hen op. Italiaanse studenten hebben
allemaal al een vriendenkring. Voor hen is Milaan hun dagelijks leven, ze komen
er om te studeren. Buitenlandse studenten komen vaak ook deels voor het avontuur
en de ervaring. Zij willen naast hun studie ook dingen ondernemen, dus ga je
vanzelf dingen samen doen.”
Aperitivo
Zo nam Puck regelmatig
samen met andere buitenlandse studenten die ze in Milaan had leren kennen de
trein om ook wat van de rest van Italië te zien. Daarnaast deden ze graag mee
aan de typisch Milanese ‘aperitivo’, die in vrijwel alle Milanese cafés, na
werktijd en de colleges - zo tussen vijf en zeven - plaatsvindt. Je betaalt dan
rond de zes euro voor een drankje, maar daarbij kun je onbeperkt opscheppen van
de hapjes en snacks die op de bar of een tafel staan uitgestald. Meestal heel
verfijnde hapjes, geheel in de stijl van de stad. Studenten maken er vaak
dankbaar gebruik van als alternatief voor het avondeten, maar natuurlijk ook als
gezellig samenzijn na de colleges. Het aperitivo is een onmisbaar en heel
karakteristiek onderdeel van het studentenleven in Milaan.
Gezellig
Puck bracht haar vrije
tijd ook graag gewoon op straat door. Vaak liep ik gewoon zomaar wat rond in de
stad. Ik woon in Den Bosch en het was voor mij echt een ervaring om door zo’n
megastad te lopen. Maar hoe groot Milaan ook is, er hangt toch een heel
ontspannen sfeer. Vooral in het Parco Sempione, het grootste park van de stad
midden in het centrum. Als mensen vrij zijn, gaan ze niet alleen binnen zitten,
maar gaan ze samen naar buiten. Picknicken of voetballen in het park,
bijvoorbeeld. Ik ging er vaak een boekje lezen en genoot van de sfeer. Maar ook
in de straten is het gezellig. Mensen zitten op bankjes met een elkaar een
praatje te maken of slenteren samen langs de etalages. Ook heel leuk zijn de
paardenrennen. Terwijl in Nederland iedereen op zijn stukje zit, in zijn eigen
huis of eigen tuin, gaan de mensen in Milaan de straat op. Dat zorgt voor een
gezellige en gemoedelijke sfeer.”
Studeren in Italië
Net als in de rest van de
EU werkt ook het Italiaanse universitair systeem sinds enkele jaren met een
Bachelor-Master structuur. Wel blijven de Italiaanse de oude vertouwde
Italiaanse benamingen daarvoor hanteren. De Bachelorfase is in Italië de
Laureau (of Laurea breve, ‘korte laurea’), de Master de Laurea
specialistica (‘specialistische laurea’). Daarnaast is er de master
universitario, maar dit is in Italië postacademische opleiding, waartoe
alleen studenten worden toegelaten die al in het bezit zijn van een Laurea of
Laurea specialistisco. De term ‘master’ wordt (voor marketingdoeleinden) in
Italië ook steeds vaker gebruikt voor cursussen aangeboden door particuliere
opleidingsinstituten. Dit zijn geen officieel erkende Master’s degrees en geven
ook geen recht op het gebruik van de titel Master.
Naast
staatsuniversiteiten telt Italië vele privé- en semi-privé-universiteiten.
Terwijl het collegegeld aan de staatsuniversiteiten over het algemeen iets lager
ligt dan in Nederland, gelden voor privé-universiteiten prijzen die vele malen
hoger zijn dan het normale collegegeld. Over het algemeen komen
privé-universiteiten wat de kwaliteit van het onderwijs wel beter uit de bus dan
dat aan de staatsuniversiteiten.
Fleur de Ron,
november 2007
Gepubliceerd in Ajuus
Magazine (www.ajuus.nl),
nummer
1, januari/februari 2008
Meer informatie
over wonen en werken in Italië vind je ook op
Italie da vivere
|