© Fleur de Ron, fleur@deronzanini.com, tel: (+39) 328 0868564, www.deronzanini.com

 

Ophef in Italië over dagboeken van Mussolini (online publicatie)

 

De Italiaanse senator Dell’Utri kondigde vorig weekend aan vijf dagboeken van Benito Mussolini in handen te hebben gekregen. De fascistische dictator zou zich erin tegen deelname aan de Tweede Wereldoorlog verzetten en de Duitsers oorlogszuchtige ‘honden’ noemen.

 

Alessandra Mussolini twijfelt er niet aan: “Dit zijn de dagboeken van mijn opa.” De kleindochter van Benito Mussolini en voorzitster van de extreem-rechtse partij Azione Sociale was een van de eerste die de dagboeken mocht inzien. “Hierin komt een andere Benito naar voren,” zegt ze. “Hij is precies zoals oma Rachele me hem beschreef. In deze dagboeken komen alle pogingen naar voren die opa heeft ondernomen om de oorlog te voorkomen.”

 

Vorig weekend maakte Senator Dell’Utri bekend dat hij anderhalf jaar geleden de dagboeken van Mussolini in handen heeft gehad. Twee uur heeft hij ze kunnen inzien. De senator is een fervent boekenverzamelaar en -kenner. Hij is ervan overtuigd dat het om de authentieke handschriften van Mussolini gaat. Dell’Utri zei geraakt te zijn door de dagelijkse observaties van Il Duce (‘de Leider’).

 

De dagboeken zouden zestig jaar in het bezit zijn geweest van een partizaan die betrokken was bij de arrestatie van Mussolini op 28 april 1945 in het plaatsje Dongo aan het Noord-Italiaanse Comomeer. Een naam wil Dell’Utri niet noemen. De partizaan overleed twee jaar geleden. Zijn erfgenamen zouden de dagboeken willen verkopen. Het gaat om vijf dagboeken uit de periode 1935-1939, geschreven in agenda’s van het Rode Kruis en momenteel onder de hoede van een notaris in het Zwitserse Bellinzona.

 

Dell’Utri deed de afgelopen week verschillende onthullingen over de inhoud van de dagboeken. Uit de stukken die hij citeerde komt Mussolini bijna als pacifist naar voren. “We kunnen en moeten de wapens niet opnemen, die we ook helemaal niet hebben,” zou hij eind augustus 1939 hebben geschreven. Over de Duitsers schrijft hij: “Die honden. Die willen de oorlog en niets anders. Ik kan niet anders dan hen een nederlaag toewensen.”

 

Geschiedkundigen reageren terughoudend. Dat Mussolini een dagboek bijhield lijdt volgens de meeste van hen geen twijfel. Dat bewijzen onder meer enkele originele, losse pagina’s die in omloop zijn, zoals een pagina die in het bezit was van Mussolini’s zoon Romano over diens geboorte. Volgens Mussolini’s dochter Elena Curti hield hij vijfentwintig jaar lang, van 1921 tot 1945, dagboeken bij.

 

Het is echter niet de eerste keer dat iemand claimt de originele dagboeken van Mussolini te bezitten. Dat gebeurde sinds het einde van Tweede Wereldoorlog vrijwel ieder decennium een keer. Tot nu toe ging het altijd om vervalsingen. De eerste keer was in 1957. Amalia Panvini beweerde toen in het bezit te zijn van Mussolini’s dagboek in dertig delen. Later bleek dat Panvini de geschriften met de hulp van haar 84-jarige moeder Rosa zelf had geschreven. Het lukte hen vier delen te verkopen aan de Sunday Times, die daar 71.400 dollar voor betaalde.

 

Volgens Denis Mack Smith, geschiedkundige en autoriteit op het gebied van het fascisme, zouden de dagboeken best door Mussolini geschreven kunnen zijn. Samen met enkele andere historici verdenkt hij Mussolini ervan aan het einde van de oorlog enkele dagboeken te hebben geschreven om na de oorlog te verkopen of om zichzelf in een positiever daglicht te stellen tijdens een eventueel proces. Maar al zouden de dagboeken van Dell’Utri daadwerkelijk door Mussolini zelf zijn geschreven, dan zouden ze volgens Smith nog steeds niet interessant zijn, omdat het de kijk op de geschiedenis niet verandert.

 

Vanuit cultureel oogpunt is de discussie over de dagboeken wel interessant. Italië kampt met een onverwerkt oorlogsverleden. Een breed historisch debat zoals dat in de jaren tachtig in Duitsland plaatsvond heeft in Italië nooit plaatsgehad. Op Italiaanse scholen wordt de twintigste eeuwse, vaderlandse geschiedenis nauwelijks behandeld. Het onderwerp is te beladen.

 

Wie wil weten of de dagboeken nog meer verrassingen bevatten over de figuur Mussolini, moet het boek maar kopen, vindt Dell’Utri. Hij verwacht namelijk dat de dagboeken binnen een jaar in de boekhandels zullen liggen. Het gerucht gaat dat Mondadori, de uitgeverij waarin oud-premier Berlusconi een meerderheidsaandeel bezit, de dagboeken wil kopen. Dell’Utri en Berlusconi zijn oude studievrienden die samen de partij Forza Italia op poten hebben gezet.

 

De opschudding die hij met zijn onthullingen heeft veroorzaakt, doet Dell’Utri plezier. “Eindelijk praten we weer eens over leuke dingen,” zei hij.

 

Fleur de Ron,

15 februari 2007

 

Gepubliceerd door Planet nieuws, 16 februari 2007, (ga naar online publicatie)