FdRZ

 

 

  FLEUR DE RON ZANINI, journalist in Italië                                   

  journalistiek - communicatie - online marketing - webdesign 

 
Home  

  

  

Journalistiek  
Communicatie & marketing  
Artikelen  
Fotografie  
Opdrachtgevers  
Biografie  
Contact  
 

Contact

 

Fleur de Ron Zanini

Gallarate / Milaan (Italië)

fleur@deronzanini.com

'(+39) 328 0868564

 

 

 
     

Recente publicaties

 

Agriturismo: ideale inkomstenbron voor een stukje Italiaans paradijs

Steeds meer mensen die het gehaast in Nederland zat zijn vinden hun stukje paradijs op het Italiaanse platteland, waar de mensen nog tijd hebben voor een praatje, de lucht niet naar uitlaatgassen maar naar olijven ruikt en de kinderen volop de ruimte hebben. Een agriturismo lijkt de ideale inkomstenbron.

Eigenlijk bestaat het al eeuwen. Boeren die reizigers een slaapplaats bieden in een stal of op een hooizolder. Het was een teken van gastvrijheid en voor gastvrijheid vroeg je geen geld. Pas toen de Italiaanse boeren het in de jaren zestig steeds moeilijker kregen en tegelijkertijd steeds vaker onderdak boden aan stadsbewoners op zoek naar rust en frisse lucht, kwamen sommige op het idee een deel van hun boerderij om te laten bouwen tot gastenverblijf en deze te verhuren aan toeristen. Geen luxe hotelkamers maar de eenvoud en spontaniteit van het boerenleven. Voor de inrichting van de kamers werden oude, vaak antieke familiestukken van zolder gehaald. Voor de maaltijden konden de gasten bij het boerengezin aanschuiven.

Het bleek een succesformule. De eenvoud van de natuur en de verse boerderijproducten aan de boeren keukentafel werden steeds aantrekkelijker. Binnen enkele jaren waren er in vrijwel heel Italië agriturismi (meervoud van agriturismo, agrarisch toerisme) te vinden. De combinatie van landbouw en toerisme werkte als een magneet op mensen die droomden van een rustiger bestaan tussen de wijnranken en olijfbomen en af en toe een goed gesprek met een interessante gast. Het waren al snel niet meer alleen boeren die een agriturismo begonnen om hun inkomsten aan te vullen. Steeds meer mensen wérden boer om vervolgens een agriturismo te openen. Want dat is eigenlijk de enige echte voorwaarde om een agriturismo te starten: je moet in de eerste plaats agrarisch ondernemer zijn en dat ook blijven. Minstens eenenvijftig procent van het bedrijf moet uit agrarische activiteiten bestaan. Hoe dit percentage wordt berekend verschilt per regio. In Noord-Italië gaat het over eenenvijftig procent van de totale inkomsten uit het bedrijf, terwijl in de meeste Zuid-Italiaanse regio’s eenenvijftig procent van de arbeidstijd aan agrarische activiteiten moet worden besteed. In Toscane moet het bedrijf een minimum aantal punten hebben, die worden toegewezen per hectare bewerkte landbouwgrond. Overigens hoef je het agrarische werk niet per se zelf te doen. Je mag er ook iemand voor in dienst nemen of een agrarische zakenpartner zoeken.

In de lift

De agriturismo zit inmiddels al ruim dertig jaar in de lift en het ziet er niet naar uit dat hieraan snel een einde zal komen. Onder Italianen is het populairder dan ooit. En voor buitenlandse toeristen is het een concept dat op punt staat om ontdekt te worden. Veruit de populairste regio voor het starten van een agriturismo was vanaf het begin Toscane. Hier bevindt zich 25% van de in totaal 14.000 agriturismi in Italië. Gevolgd door de Noordoostelijke regio Trentino Alto Adige met circa 15%. Daarnaast zijn in Umbrië en Marche, buurregio’s van Toscane, de agriturismi (en Bed & Breakfasts) vooral de laatste jaren als paddestoelen uit de grond geschoten. Meer ruimte voor nieuwe initiatieven is er in de Noord-Italiaanse regio’s Ligurië en Veneto, terwijl heel Zuid-Italië nog vrijwel onontgonnen gebied is, waar de prijzen voor onroerend goed dan ook nog een heel stuk lager liggen dan in de rest van het land. 

Het idee van de agriturismo is in volle ontwikkeling. Het is allang niet meer altijd het eenvoudige soort ‘terug naar de natuur’. Om de concurrentie aan te gaan begonnen boeren met het aanbieden van allerlei extraatjes: een zwembad, excursies, kunst- en kookcursussen, wijnproeverijen, sportfaciliteiten of kamers met een bubbelbad of privé-sauna. Er ontstonden ook agriturismi zonder overnachtingsmogelijkheden. Die runnen naast hun boerenbedrijf alleen een restaurant of geven rondleidingen door hun bedrijf met ‘degustazioni’ (proeverijen), waarna bezoekers de boerderijproducten direct van de boer kunnen kopen (in Italië inmiddels een populair uitje). In sommige regio’s valt ook de verkoop van zelf geproduceerde ambachtelijke gebruiksvoorwerpen onder de toeristische poot. Die moeten dan wel op de een of andere manier met de boerderij in verband staan. Meestal gaat het om flessen- of broodmanden, aardewerken schalen en wijnkannen of decoratieve spulletjes van olijfhout. Er is zo een grote variëteit aan agriturismi ontstaan, van boerencampings tot luxe appartementen, van mee-eten met het boerengezin tot restaurants en van de verkoop van wijn uit het vat tot boerderijwinkels met een uitgebreid assortiment.

Alternatief voor B&B

Voor veel Nederlanders is het starten van een agriturismo vooral een interessant alternatief voor de Bed & Breakfast (B&B), die veel mensen in eerste instantie als inkomstenbron voor ogen hebben. Het openen van een B&B is in Italië namelijk vrij eenvoudig. Je hebt er geen vergunning voor nodig en bent voor de fiscus een particuliere kamerverhuurder en geen bedrijf. Doorgeven aan de gemeente dat je een B&B bent begonnen is genoeg. Er komt een stuk minder papierwerk aan te pas en je hebt er in principe niet meer voor nodig dan een huis met enkele kamers extra.

Maar de kleinschaligheid van een B&B is juist ook zijn grote nadeel. Een B&B mag maximaal maar drie kamers hebben (behalve in de regio’s Emilia-Romagna en Abruzzo waar het er vier mogen zijn) voor maximaal zes à acht gasten. Volgens cijfers van ISNART (Istituto Nazionale Ricerche Turistiche) hebben toeristische onderkomens in Italië in de topmaanden juli, augustus en september gemiddeld een bezetting van respectievelijk 64%, 79% en 59%. In de overige maanden daalt dit percentage tot rond de 40%. Alleen de inkomsten van een B&B blijken dan ook vaak te laag om van rond te komen.

Een agriturismo biedt meer mogelijkheden. Het maximale aantal kamers ligt met circa 15, voor een totaal van 30 à 40 gasten, een stuk hoger. Een boerencamping mag ongeveer hetzelfde aantal gasten ontvangen met een maximum van rond de acht tenten, caravans of campers. Daarnaast mag een agriturismo in tegenstelling tot een B&B, die zijn gasten officieel alleen van een eenvoudig ontbijt mag voorzien, ook restaurantservices aanbieden. Maar het zijn vooral de agrarische activiteiten die een agriturismo interessant maken. Die zorgen vaak voor een stabiele factor in de inkomsten. De opbrengst van een oogst is gemakkelijker te voorspellen dan het aantal reserveringen van de kamers of campingplaatsen. Daar staat natuurlijk tegenover dat het benodigde startkapitaal voor een agriturismo hoger ligt, waarbij men moet denken aan een minimum van 750.000 à 800.000 euro, ook al zijn de verschillen tussen de regio’s (en vooral tussen Noord en Zuid) groot en variëren de uitgaven voor verschillende agrarische activiteiten sterk. 

Italiaanse overheid

De Italiaanse overheid zag in het succes van de agriturismo vooral een manier om boeren te stimuleren hun agrarische activiteiten voort te zetten en de leegloop van het platteland tegen te gaan. Daarnaast bleek het een positieve uitwerking te hebben op het behoud van het cultureel erfgoed, dat vooral de laatste jaren op de agenda staat. Karakteristieke, vaak eeuwenoude boerderijen werden met groot enthousiasme opgeknapt. Midden jaren tachtig kwam er daarom een eerste raamwet - gevolgd door een aangepaste versie in februari 2006 (Legge 20 febbraio 2006, n.96) - die de agriturismo definieerde, waardoor er initiatieven ontwikkeld konden worden om de nieuwe categorie te stimuleren.

De verdere uitwerking van regels en het ontwikkelen van initiatieven laat de raamwet over aan de regio’s. Er bestaan daardoor grote verschillen tussen de ene en de andere streek in Italië. Zowel met betrekking tot mogelijkheden en beperkingen, zoals de regels over het aanbieden van eten of het maximale aantal kamers of campingplaatsen, als tot de ontwikkeling van cursussen of de omvang van de subsidiepot. Belangenverenigingen voor ondernemers in het agriturismo of de regionale instantie voor agricultuur kunnen vaak een overzicht geven van de belangrijkste verschillen tussen de regio’s.

Ook overheidssteun is geregeld in regionale wetten. Voor aan startende ondernemers (in het algemeen) zijn die er volop. Meestal gaat het om het verlenen van subsidies, financiële tegemoetkomingen of kredieten. Maar het is niet gemakkelijk om voor deze steun in aanmerking te komen. Het is meestal een pot met geld en als die leeg is, is die leeg. In veel regio’s krijgen jonge, vrouwelijke en werkloze ondernemers voorrang. Daarnaast zijn er specifieke regelingen voor ondernemers met een agriturismo. In sommige regio’s gaat daarbij de voorkeur uit naar nieuwkomers in de sector, in andere wordt alleen steun verleend aan boeren die al een bepaald aantal jaren een agrarisch bedrijf runnen. Meestal is het hoe dan ook niet iets waar je op kunt rekenen en je kunt het al helemaal niet in je financieringsplannen voor het starten van een agriturismo opnemen. Wel kun je rekenen op kortingen op onder meer de loonbelasting en BTW. En in de meeste regio’s op een behoorlijk aanbod van cursussen. Voorbereidende cursussen over het starten en runnen van een agriturismo, die in sommige regio’s verplicht zijn, maar ook cursussen die stap voor stap ingaan op het verbouwen van de populairste gewassen zoals wijndruiven en olijven of op activiteiten die soms ineens ‘in’ zijn zoals het houden van slakken. Vaak zijn de cursussen gratis.

Bureaucratie

Het beginnen van een agriturismo in Italië is niet gemakkelijk. Italië staat in het buitenland bekend om zijn slecht werkende bureaucratie. Toch verkijken veel buitenlanders zich hierop. Het is waarschijnlijk het grootste struikelblok en de problemen beginnen vaak al bij het aanvragen van een verblijfskaart, die je nodig hebt om in Italië te wonen. Veel mensen realiseren zich niet dat het probleem niet zozeer ligt in het invullen van een oneindige reeks papieren, maar vooral in de manier waarop ambtenaren in Italië te werk gaan. Het aanvragen van vergunningen is vaak een lange, frustrerende cyclus van wachten, terugkomen, nog een formulier invullen dat ze je de vorige keer niet hebben gegeven, weer wachten en weer terugkomen. De juiste mensen kennen helpt vaak om de procedure te versnellen. Via-via is in Italië overigens in iedere situatie de meest effectieve manier om iets gedaan te krijgen. Een bijkomend probleem voor buitenlanders is de zeer beperkte talenkennis van de meeste Italianen. Ook ambtenaren spreken zelden Engels, zelfs niet bij de vreemdelingenpolitie. Zo snel mogelijk Italiaans leren is cruciaal om de bureaucratie door te komen, maar ook om cursussen te volgen en om sociale contacten op te bouwen.

Olijfolie van je eigen olijfgaard

Een rustig bestaan op het Italiaanse platteland komt meestal pas na jaren hard werken. Vooral voor wie geen ervaring heeft met het runnen van een bedrijf of het verbouwen van gewassen zijn de eerste jaren niet meer dan een leerproces. Maar wie de stap heeft gewaagd peinst er maar zelden over om weg te gaan. Want wat is er mooier dan je kinderen te zien ravotten in je tuin met uitzicht over een prachtig Italiaans heuvellandschap, de buurman die even een praatje komt maken en vraagt of het allemaal gaat lukken met de oogst en aan tafel het eten op smaak brengen met olijfolie van je eigen olijfgaard. 

Agriturismo Podere l’Aione

Francisca van der Veen (35) kocht in 2001 samen met haar man ‘Podere l’Aione’, een boerderij in Toscane. “Mijn man droomde al jaren van een eigen wijngaard en we vroegen ons al een tijdje regelmatig af of de stad waar we woonden wel zo’n fijne omgeving was voor de kinderen. In 2000 hebben we de knoop doorgehakt. Het jaar daarna kochten we l’Aione, vijf hectare grond met een boerenhoeve en vier bijgebouwen en met uitzicht over het natuurgebied Maremma. We lieten een wijn-, olijf- en fruitboomgaard aanleggen en vorig jaar hebben we de stallen laten ombouwen tot gastenverblijven. Sindsdien zijn we officieel een agriturismo.”

Francisca en haar man wisten beide vrijwel niets van het verbouwen van wijn of olijven. “Mijn man heeft toen een wijncursus gevolgd. Die was georganiseerd door de provincie en gratis voor de deelnemers. Tijdens deze cursus kwamen alle aspecten van het poten van de druivenplanten tot het bottelen van de wijn ter sprake.” Verder leer je volgens Francisca vooral met vallen en opstaan. “In het begin maak je alle mogelijke fouten, maar na een tijdje gaat het zoals het moet.”

De Italiaanse bureaucratie was een beproeving. “In Italië moet je voortdurend achter alles aan. Zo’n kantoor waar ze vergunningen behandelen ligt letterlijk vol met stapels dossiers. Als je langsgaat om te vragen hoe de zaken ervoor staan vissen ze je papieren onder een heel grote stapel vandaan. Als je niet regelmatig je gezicht laat zien, gebeurt er niets. De Italiaanse bureaucratie werkt totaal anders dan de Nederlandse. Uiteindelijk komt er wel iets uit maar je moet het zelf in beweging zetten.”

Alles volgens de regels doen is in Italië vaak makkelijker gezegd dan gedaan. “Je moet verschillende vergunningen aanvragen en die spreken elkaar nogal eens tegen,” weet Francisca uit ervaring. “Wij hadden een bouwvergunning gekregen en ons daar netjes aan gehouden. Toen kwam de gezondheidsinspectie langs en die vertelde ons doodleuk dat het gebouw dan wel aan de bouwvergunning mocht voldoen, het voldeed niet aan hun eisen.”

Het opbouwen van een agriturismo vergt geduld, zeker als je helemaal van voren af aan begint. “Wij zijn vanaf nul begonnen,” vertelt Francisca, “zowel met het agrarische als met het toeristische gedeelte. Pas vorig jaar hebben we een eerste wijnoogst gehad en dit jaar zitten er voor het eerst olijven aan de bomen. Voor het toeristische gedeelte moet je bekendheid zien te krijgen, wat ook tijd kost. De bezetting van de huisjes is nu nog erg onvoorspelbaar. Met twee kleine kinderen is dat niet altijd een gemakkelijke situatie. Ik zou anderen aanraden om iets te kopen dat al voor een deel werkend en bewoonbaar is, ook al betaal je daar natuurlijk wel voor.”

Voor Francisca was het het allemaal waard. Ze zou het zo weer doen. “We zijn helemaal verliefd op ons stuk grond en de omgeving. Het is wat we zochten en doordat mijn man Italiaan is was het te doen. De kinderen hebben het hier heerlijk en het lijkt erop dat het harde werk van de afgelopen jaren eindelijk wordt beloond, want deze maand gaan we onze eerste wijnoogst bottelen. De flessen en de etiketten staan klaar en het geeft grote voldoening om de enoloog die de wijnmonsters analyseert te horen zeggen dat onze wijn wel eens een heel goede kan zijn.” 

Tips/info

Er zijn verschillende belangenverenigingen voor ondernemers met een agriturismo. Deze helpen onder meer vaak bij het opzetten van een nieuwe onderneming, zijn in het bezit van gedetailleerde informatie over het starten en runnen van een agriturismo en organiseren cursussen en vakbeurzen.

Websites:

www.agriturist.it

www.agriturismo.it

www.agriturist.com

 

Fleur de Ron, juli 2006

 

Gepubliceerd in Ajuus Magazine, nummer 5, september/oktober 2006

 

Meer informatie over wonen en werken in Italië vind je ook op Italie da vivere

 

Godenvoedsel (Bellagio)

   

Il biscione, bloeddorstig symbool van Milaan (Bellagio)

   

Milaans Eiffeltorenmoment (Bellagio)

   

De woonkamer van Milaan (Bellagio)

   

Tavolate en Gonzaga in Mantua (Italie Magazine)

   

La dolce vita met een Oostenrijks tintje (Ajuus)

   

Recente webcreaties

   

Gianluca Zanini radioloog

   

Bogers Beroepscoaching

   

Giorgia Italiaanse mode-accessoires

   

Italie da vivere

   

Milan Expat

   

Olanda turismo

   
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 
   

 

   

links | © Fleur de Ron Zanini